Septembercolumn uit De Riepe, de straatkrant van Noord-Nederland

Uit eten

Op het platteland is het leven nog eerlijk, zeggen ze. De deur hoeft niet op slot, alles gaat op krediet en uitgaansgeweld is nog een relatief onbekend verschijnsel. Stadsmensen verlangen soms naar deze idylle. Zó intens dat ze af en toe spontaan de trein nemen om af te reizen naar een dorp of gehucht naar keuze. Zo ben ik de afgelopen tijd naar bijvoorbeeld W. en D. geweest, om daar eens eerlijk en puur te eten in één van de authentieke restaurants of eetcafé’s.
Ik ging heen, maar kwam terug met krassen op de ziel.
Te W. bijvoorbeeld kreeg ik onder de naam ‘nachos’ een portie droge chips uit een voordeelzak van de groothandel. Ik moest het natuurlijk lekker vinden en uiteraard zei ik dat ook. De toon was niettemin gezet, want het schaaltje veel te droge gemakspatat en bakje in azijn gedrenkte cherrytomaatjes (‘onze frisse salade’) bij mijn vlees waren van een schrikbarende simpelheid. Dieptepunt was wel lands eigen bakje troost – gewoon uit de huis-Senseo à 2,50, daar word je intens ongelukkig van. Dit grapje maal twee kostte trouwens meer dan 50 euro, wat ik – uiteraard – met een glimlach betaalde.
Te D. bijvoorbeeld was het helaas zo dat de dagsoep (aspergesoep) op was, maar dat vond ik natuurlijk geen enkel probleem – de ‘vergeten groenten-soep’ leek me een uitstekend alternatief. De plotseling opgediende aspergesoep behoorde echter niet tot de vergeten groenten, maar ook dat was nog altijd een zaak van de mantel der liefde. Gezelligheid kent immers geen tijd. Het schaaltje doorgefrituurde patat dat ik vervolgens kreeg was nog een lekkernij vergeleken met de volgens het menubord gebakken, maar verder ongepaneerde schnitzel, vrijwel geheel bedolven onder een gesmolten plak jonge kaas, die samen met de weke champignons en ringetje ui rechtstreeks uit de magnetron kwam. Het rook ronduit smerig en dat was het ook.
Dit grapje kostte trouwens meer dan 40 euro, een bedrag dat ik uiteraard met die glimlach afrondde naar boven, want zo hoort het. Je hoort mij altijd zeggen dat het zo gezellig en lekker is, maar ondertussen word ik geregeld keihard genaaid. Vandaar ook die krassen op de ziel: een beetje man zou opstaan en weglopen – naar de stad.

(september 2015)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *